levensboom

De levensboom is geworteld in de aarde en reikt tot aan de hemel. Hij verbindt hemel, aarde en onderwereld. Hij symboliseert de cyclus van het leven. Hij staat voor de dualiteit van de vrouwelijke existentie als moeder en individu. De vrouw wordt omsloten door de boom. Zij is beschermt maar ook gevangen, van haar vrijheid beroofd. Zij moet zich eerst losmaken uit de greep van de omhelzing voor ze kan uitgroeien tot een onafhankelijk authentiek ik.

vergankelijkheid

Alles is vergankelijk. De vergankelijkheid is onderdeel van de cyclus van het leven. Leven ontstaat en vergaat ook weer. De vrouw baart kinderen en schenkt leven. Maar in het begin ligt het einde al besloten. De mot als symbool van de vergankelijkheid zit al op de schouder van de moeder die het kind beschermend vast houdt. Ooit zullen ook zij sterven.